Collectief particulier opdrachtgeverschap in perspectief

We zien allerhande collectieve woonvormen verrijzen, zoals voor ouderen en welgestelde mensen, vaak gerealiseerd door professionele opdrachtgevers. In diverse publicaties worden deze nieuwe tendensen bestudeerd. Echter in deze bijdrage ligt de nadruk op het in kaart brengen van de architectonische traditie van gebouwen die in het verleden door collectief particulier opdrachtgeverschap tot stand zijn gekomen.


Werkelijke en leiderscollectieven

Naast gemeenschappelijk eigendom staat in collectief particulier opdrachtgeverschap een grotere zeggenschap van de groepsleden bij hun behuizing centraal. Belangrijk is dat de groepmensen ook zelf gaat wonen in de woongebouwen waarvan zij de opdrachtgever zijn geweest.
Daarbij kan onderscheid gemaakt worden tussen werkelijke collectieven en leiderscollectieven. Bij werkelijke collectieven wordt ernaar gestreefd, dat tijdens het proces van totstandkoming zoveel mogelijk sprake is van een gelijkwaardige inbreng van de afzonderlijke groepsleden.
Bij leiderscollectieven wordt het proces duidelijk gestuurd door een leider. Door deze omschrijving kunnen ook gebouwen van verlichte vorsten, herenboeren of filantropische industriëlen tot het collectief opdrachtgeverschap worden gerekend.

Een indeling naar motieven van collectief opdrachtgeverschap
Om de traditie in beeld te brengen is niet een architectonische typologie gehanteerd maar wordt een indeling naar motieven achter collectief opdrachtgeverschap gebruikt. Deze zoektocht levert aspecten op waarop het collectief de nadruk legt. De scheidslijnen tussen de soorten collectieven zijn natuurlijk niet lijnrecht te trekken. De volgende soorten collectieven worden onderscheiden:

  • beschermende collectieven
  • religieuze collectieven
  • vroeg utopische collectieven
  • emancipatie collectieven
  • terug naar de natuur collectieven,
  • werkcollectieven
  • familiecollectieven
  • pragmatische collectieven

Deze indeling volgt enigszins de historisch opeenvolgende stadia van bewoning door de mensheid. Grofweg kunnen drie opeenvolgende perioden worden onderscheiden, te weten: de periode van overleven in de wilde natuur (de natuurlijke jungle), de periode van overleven in de sociaalmenselijke cultuur (de sociale jungle) en de periode van keuzevrijheid en streven naar comfort (de jungle van welvaart en marktwerking). In het Westen gaat vanaf de Middeleeuwen een op overleving in de natuur gerichte bewoning langzaam over naar een bewoning, die vooral gericht is op het leven in een grote menselijke gemeenschap. Vanaf het begin van de twintigste eeuw,maar zeker vanaf de Tweede Wereldoorlog, begint steeds meer de nadruk te liggen op keuzevrijheid en wooncomfort. De perioden gaan vloeiend in elkaar over en bovendien blijven de strevingen van de voorgaande periode altijd doorwerken in de daaropvolgende perioden.


Bron: Bouwen met je buren - deel 2. Auteur Arjan Hebly. Uitgave STAWON

Bouwen met je buren is een nuttige handleiding voor architecten en opdrachtgevers die zich met collectief particulier opdrachtgeverschap bezig houden. De uitgave bestaat uit twee losse delen.
(samen 86 pagina's; 24 x 17 cm)

De losse delen zijn samen te bestellen voor € 12,00
  • Baas in eigen huis
  • Onervaren, kritische en bijzondere opdrachtgevers
  • Wie begeleidt het proces?
  • Bouwen met je buren, een vak apart!
  • Bouwen met je buren in de praktijk